De vetste snack van Nederland ligt onder de loep van de wetenschap. De Kapsalon is meer dan een bom calorieën.
Een laag (nog) knapperige friet, bedekt onder lamsshoarma. Dat alles bedolven onder knoflooksaus en sambal, afgetopt met twee gesmolten plakken kaas en versierd met een paar plukken ijsbergsla en tomaatfrutsels. Voilà, de Kapsalon. Serghinio kijkt over de toonbank ademloos toe hoe Dervis Bengü (53) vier bestelde kapsalons met folie omwikkelt.
„Caloriebom erg lekker”, prijst Bengü zijn creatie aan. Serghinio komt er twee halen, een voor hem en een voor zijn oudere zus. De combinatie van ingrediënten is wat Serghinio zo aanspreekt. Maar hij eet er maar één per maand. „Anders word ik dik en dan word ik lui, meneer.”
In 2003 werd Bengü ongewild naamgever van de Kapsalon. Kapper Tati van om de hoek wilde friet met shoarma, en iets erbij, en zijn klanten ook. De kaas en sauzen van shoarmazaak El Aviva aan de Schiedamseweg vielen in de smaak. Bengü zette het als Kapsalon op de kaart en na hem volgden vele, misschien wel honderden shoarmazaken en snackbars in Nederland, België en Turkije. De voedingswaarde: bijna 1800 calorieën, meer dan een vrouw dagelijks nodig heeft.
Het fastfoodfenomeen fascineert Paul van de Laar, bijzonder hoogleraar stadsgeschiedenis van Rotterdam. Na Amerikaans literatuuronderzoek en veldwerk in Rotterdam Zuid kwam Van de Laar tot een aantal conclusies die hij gisteren frivool deelde tijdens een lezing op de Erasmus Universiteit.
Zo succesvol als een epidemische ziekte, maar toch zou geen enkel zichzelf respecterende chef hem op de kaart zetten. Zo typeert de wetenschapper, zelf duidelijk geen liefhebber, de Kapsalon. Die is volgens Van de Laar toevallig ontstaan in de havenstad, maar niet toevallig daar groot geworden. „Het is het product van een transnationale stadscultuur en naoorlogse migratie.”
In migrantenwijken, gekenmerkt door lagere sociaal-economische klassen, meer werkloosheid en sociale woningbouw, wordt vaker (goedkoop) fastfood gegeten. Rotterdam is multi-etnisch, en veel mensen hebben een inkomen onder modaal. Van de Laar: „Je verkoopt geen Kapsalon aan een bankdirecteur, althans niet in het chique Kralingen, want stel dat de buren het zien.”
De kapsalon is ook bij studenten geliefd, vooral na een avond stappen. Van de Laar: „Als een student ’s avonds een kapsalon eet, gaat er gezien de hoeveelheid knoflook die avond niets meer versierd worden.”
Halverwege het college komt kapper Tati, voluit Nataniël Gomes, de collegezaal binnenwandelen. „Het is leuk, het is gek, het is bijzonder”, zegt de Rotterdammer met Kaapverdiaanse roots en blauwe ogen na afloop over de merkwaardige ontstaansgeschiedenis van ‘zijn’ snack en alle commotie daarover. Hij tipt grillroom Jaffa in de Witte de Withstraat.
Terug bij El Aviva in de volksbuurt Delfshaven zegt bezorger Ali (36) zo’n 150 caloriebommen per dag te bezorgen. „Of dat zo blijft, weet ik niet. Maar op eten kun je niet bezuinigen. En ons mooie Nederland is gek op kaas en patat.”
Reacties
fucking lekker.
De lekkerste culinaire uitvinding van de laatste 10 jaar.
Zeker lekker, maar dan wel met döner. En minus de saus.
"De voedingswaarde: bijna 1800 calorieën, meer dan een vrouw dagelijks nodig heeft."
Een vrouw heeft er 2000 nodig..
Precies! 1 kapsalon en een doosje tictacs en ze kan de hele dag vooruit :-)