Menselijke schoonheidsidealen bepalen of we ons inzetten voor een bedreigde diersoort of niet. Aaibare diersoorten worden beter beschermd dan ’lelijke’ soorten. Dat blijkt uit Canadees onderzoek.
Het rapport De nieuwe Ark van Noach beschrijft hoe kwetsbare soorten met karaktereigenschappen die mensen hoog waarderen, zoals schoonheid, kracht en knuffelbaarheid, veel sneller aandacht krijgen van natuurbeschermingsprogramma’s dan dieren die ’vies’ of ’eng’ zijn.
„Mensen hebben een voorkeur voor de meer meeslepende soorten”, concludeert onderzoeker Ernie Small. „Dieren die mooi zijn, of vermakelijk of die respect afdwingen door hun grootte of kracht, zijn in bijna alle gevallen beter beschermd.”
Als voorbeeld noemt het onderzoek beschermingsprogramma’s van grote, spectaculaire soorten als walvissen, tijgers en ijsberen. Minder tot de verbeelding sprekende soorten als slangen, spinnen en kikkers worden daarentegen vaak compleet genegeerd.
Vooral amfibieën hebben het zwaar te verduren door het verlies aan zoetwatergebieden. Alleen al de afgelopen tien jaar zijn er 170 soorten kikkers verdwenen. Natuurbeschermers vrezen dat binnenkort zelfs alle kikkers verdwijnen. Dat is slecht nieuws voor mensen, omdat kikkers muggen eten en daardoor malaria in toom houden. Bovendien worden er uit kikkers medicijnen gewonnen, zoals hiv-remmers.
Volgens Small heeft deze focus enorme gevolgen voor gevoelige ecosystemen en voedselketens. „Je helpt biodiversiteit niet door je alleen op een paar soorten te concentreren.” Door zulke selectieve methodes, vreest Small, wordt de natuur bovendien een weerspiegeling van de mens en de karaktereigenschappen die we waarderen. „Maar aantrekkelijke dieren zijn in een ecosysteem niet altijd de belangrijkste dieren.”
Volgens Sybille Klenzendorf van het Wereld Natuur Fonds zijn mensen het meest geïnteresseerd in kwetsbare diersoorten die ook qua uiterlijk op ons lijken: Grote zoogdieren met vooruit kijkende ogen. Volgens haar is er niets mis met die voorkeur. „Grote, charismatische soorten hebben vaak ook de meeste leefruimte nodig, waardoor we ook de minder indrukwekkende dieren redden.”
Als voorbeeld noemt ze het redden van de wilde tijger. „We moeten daarvoor niet alleen enorme stukken bos beschermen, maar er ook voor zorgen dat de tijgers prooidieren hebben en dat die op hun beurt genoeg planten hebben om te eten. Hetzelfde gaat op bij ijsberen en olifanten.”
Toch gelooft Small dat er meer moet worden gedaan voor de minder aantrekkelijke soorten. „Schoonheidsidealen zijn een van de belangrijkste factoren geworden of een soort het waard is om beschermd te worden. Hier moet echt naar worden gekeken.”
Reacties
Het uitsterven van onsuccesvolle diersoorten is onontbeerlijk voor de natuurlijke evolutie.
Wat is dat toch met die menselijke drang om alles te vormen naar zijn beperkte inzicht?! How about de natuur gewoon zijn werk te laten doen? De natuur heeft ons helemaal niet nodig.
alleen de strerkste overleven?